Nederlands  Engels
Weblog
Archief 2013
Archief 2009
Archief 2008
Archief 2007


Demo Burundi Drums
YouTube filmpje

Slagerij van Kampen en Rhythm for Revival
YouTube filmpje

Afrikadag
YouTube filmpje



Weblog
Burundireis 26 april - 6 mei
6 mei 2013

 

Zondag 5 mei

Laatste dag, nog een afsluitend overleg over de cursussen en een gezamenlijke lunch met alle mensen van Shemeza, Rhythm for Revival en mijn huisgenoten. Bij aankomst op Bujumbura Aéroport, zie ik op het scherm dat mijn vliegtuig naar Nairobi 1,5 uur later gaat dan gepland. Oeps dan mis ik mijn aansluiting. Hemel en aarde moeten bewegen voor ik eindelijk iemand spreek die iets meer weet. En die zegt: och Madame, onze schermen zijn zo vaak in de war , daar moet niet naar kijken. Alles loopt goed. Onderweg geef ik aan personeel door dat mijn overstap zo wie zo kort is: de boarding pass zegt dat ik in Nairobi een uur later aankom dan het begin van de boarding naar Amsterdam. Onderweg word ik wakker gemaakt met de mededeling dat ik dadelijk naar Gate 6 moet.

Bij aankomst in Nairobi loop ik erheen, oeps gate 6 gaat naar Paris; ik naar Amsterdam vanaf gate 9, och ja….

Goede reis en de volgende ochtend weer aan de slag!

Zaterdag 4 mei

De afgelopen dagen heb ik, onder meer op  het 30 aprilfeest, maar ook daarbuiten gehoord dat het zoveel beter gaat met Burundi. Waar kan ik dat aan zien? De wegen in de stad zijn enorm  verbeterd, glad asfalt, veelal zonder gaten, rotondes en zelfs voorsorteerstroken met pijlen. Op de plaatsen waar verkeersborden zijn gekomen, toeteren zij die geen voorrang hebben om het hardst en blijven op de kruising staan, dus dat helpt! Iha dus een enorme verbetering van de wegen. De straatnaamborden zijn terug, en dat is erg prettig!!! Wanneer ik in volkse wijken kom, zie ik nog geen verbetering; demensen moeten nog op stap voor water en leven in grote armoede. Knap degene die dit kan beïnvloeden in een land waar een paar procent zeer rijk is en de rest arm tot zeer arm. De middenklasse bestaat hier (nog) amper. Vooralsnog blijf ik optimistisch!  ’s Avonds een prachtig Jazz- concert in het Waterfront Hotel. Mijn huisgenoten David en Claude vervullen een belangrijke rol op piano en slagwerk. Leerlingen van Shemeza music doen mee, erg leuk!

 

Vrijdag 3 mei

2e overleg  met Félix en Apollinaire, spijkers met koppen! Wij gaan ervan uit dat vanaf 1 augustus een nieuwe trommellesplaats wordt ingericht op Shemeza Music Centre met goede ondersteuning van hun zijde. Plan is ook om gedetailleerder te gaan beschrijven, wat je allemaal moet kunnen om een goede ‘tambourinaire’ te worden. Dat is een hele cultuurschok voor mensen die altijd alles mondeling, kijkend en luisterend heben doorgegeven, maar tegelijkertijd zijn zij er zelf ook van overtuigd, dat dit nodig is voor een professionelere inrichting van het onderwijs. Bovendien kun je op deze manier de prachtige trommelcultuur ook beschrijven voor volgende generaties en voor degenen die er nog niet van weten!

’s Middags nog een inspirerend overleg met Passieflor: een Coöperative die zorgt voor de distributie van fruit (mango, papaya, ananas, bananen, citrusvruchten, passievruchten). Burundi is er heel rijk aan. Zij zijn nog een vrij jonge organisatie met veel enthousiamse. Wij gaan in de toekomst bekijken of zij het fruit kunnen leveren, wanneer op de lesplaatsen voorlichting plaats vindt over het belang van veelzijdige voeding!

’s Avonds zijn mijn huisgenoten nog op stap. De kok en de bewaker zien hun kans schoon om naar het terras te komen. Vermoedelijk mogen zij dit gewoonlijk niet, maar madame Caroline is alleen, dan gaan wij maar eens een praatje maken. Bewakers in Burundi worden al snel behandeld als onderdeel van het meubilair. Ik heb mij voorgenomen ze altijd te begroeten en dat vinden ze helemaal bijzonder. Die avond krijg ik een interessante uiteenzetting te horen door bewaker  Omer over de situatie in Burundi. Een half uur lang geeft hij een monoloog over overbevolking, te jonge huwelijken, gebrek aan genoeg educatie, te weinig ontwikkeling van de landbouw; de vooruitgang van het land zou nog wel eens kunnen worden ingehaald door de problemen. Hij hoopt het echter niet en is van goede wil! Hij kijkt mij niet aan tijdens zijn uiteenzetting en praat maar door. Ik vraag hem waar hij al deze kennis vandaan heeft? Overdag studeert hij en ’s nachts is hij hier bewaker. Bezorgd vraag ik of hij wel eens slaapt? Ja telkens een of twee uur en dan mijn compagnon weer. Wat en bijzondere avond. Mijn huisgenoten geloven het niet eens…..

Donderdag 2 mei

Vandaag op stap om te kijken of er bedrijven zijn met een relatie in Nederland, die geïnteresseerd zouden kunnen zijn om eventueel het project te steunen of samen te werken, bijvoorbeeld door een concours te ondersteunen. Wij kloppen eerst aan bij Brarudi, de grootste werkgever in Burundi (Fanta, Coca Cola, Amstel Primus en Heineken gaan hier samen). Bier gaat natuurlijk niet samen met kinderen, maar wij hopen op een samenwerking met de frisdranksectie. Wij worden heel enthousiast ontvangen door een Nederlander, Léan, maar hij zit meer in de productie. Wel wijst hij ons de weg naar de afdeling marketing. Daar ligt nu een aanvraag voor een gesprek. (waarschijnlijk redden wij dit niet meer voor vertrek, maar de contacten zijn gelegd!)

In het centrum gaan wij op zoek naar leuke souvenirs die verkocht kunnen worden in de kraam van Slagerij van Kampen, maar die ook kunnen dienen als aandenken voor donateurs. Prachtige miniatuurtrommeltjes + kettinkjes waar een trommeltje aanhangt. Ik weet zelfs af te dingen, daar ben ik nooit goed in, maar dat is men hier gewend. Ze moeten er toch ook winst op maken om te overleven, niet waar? Ik beloof dat wij terugkomen voor grote aantallen; dat is ook echt de bedoeling, want wij hebben contact met bedrijven die naar Nederland vervoeren. Aan de oever van het meer zetten wij het overleg over het project voort. ’s Middags gaan wij op bezoek in Gatumba. Bijzondere lesplaats met docent Pierrot bij het Centre d’hygiene. Er wordt erg goed les gegeven. Zeer instructief, ik maak er een paar opnames van. Je zit hier dicht bij de grens met Congo, je kunt de andere kant bijna aanraken.

’s Avonds ben ik gevraagd een Workshop zang en koordirectie te geven bij Shemeza Music Centre. Grote opkomst, zo’n 40 deelnemers. De een leest heel goed noten, de ander heeft een geweldige stem, de verschillen zijn erg groot. Dankzij mijn ruime ervaring wordt toch iedereen zinvol en enthousiast aan het werk gezet. Uiteindelijk: veel oefeningen gedaan, drie canons en twee meerstemmige stukken. Zij vinden mijn werktempo erg hoog (hoe kan dat nou), maar zijn razend enthousiast. Een paar zangers durven ook voor de groep gestaan als dirigent. Een leuke leerzame avond, erg veel gelachen!

 

Woensdag 1 mei

1 mei, Dag van de Arbeid, is een vrije dag in Burundi. Een mooie gelegenheid om iets leuks te ondernemen, Samen met Félix en zijn vrouw Martine en de kinderen Laury-Esther en Fréderic gaan wij naar het strand van het Lac Tanganiyka. Het is voor meer mensen echt een gezinsdag, leuk om mee te maken, heel ontspannen met de stoelen in het zand, vlak bij het water. Voor de kinderen is er een speeltuintje, niet meer al te best; ik vraag mij af hoe lang de schommeltjes en klimrekken nog heel zijn. Vlak bij het strand staat in het water een groot terras op palen, maar daar waag ik mij liever niet op. Het ziet er idyllisch maar ook zeer kwetsbaar uit. Ik kan goed zwemmen, maar wat kom je verder allemaal tegen als je in dit meer valt? Krokodillen, nijlpaarden, onbekende kleine beestjes, van alles wat je liever niet tegenkomt. Ik blijf liever enthousiast over de heerlijke vissen die uit dit meer komen: de Sangale, de Mukelele, De Capitain.

Dinsdag 30 april

Vroeg op na alweer een nacht zonder stroom en airco, erg vermoeiend. Overleg met Félix, onze projectleider en Apollinaire, beroemd Burundees zanger en directeur van muziekschool Shemeza Music Centre. Een inspirerend overleg, waarbij beide Burundese partnerorganisaties aangeven daadwerkelijk iets voor de volgende generaties achter te willen laten onder het motto: ‘de jeugd heeft de toekomst’. Daarbij hoort ook respect voor en herwaardering van de Burundese cultuur. Voordeel voor RfR is, dat de Shemeza school een goede structuur en organisatie heeft met betrouwbare mensen in de administratie, die ook goed Frans en Engels spreken. Zij zijn verbonden aan de protestantse kerk en houden zich vanuit het muziekcentrum ook bezig met het uitdelen van voedsel en kleding aan arme zwervende mensen in het binnenland, aan wie zij proberen te leren dat ze rechten hebben op het zelfde bestaan als andere Burundezen. Daarbij richten zij zich vooral op de Twa’s een (vergeten) etnische groep, die naast de meer bekende Hutu’s en Tutsi’s ook deel uitmaakt van de Burundese bevolking. Zij leiden een zwervend bestaan als nomaden en ontvangen en/ of accepteren tot nu toe nog maar weinig hulp. Shemeza muziekschool werkt op een professionele manier aan de inventarisatie en registratie van deze mensen, aan collectes voor hen in de kerken, en aan het aanbieden van muziek met zang en dans om hen weer zelfrespect en levensvreugde te geven).

’s Middags zijn wij uitgenodigd in de woning van de Nederlandse ambassadeur, ter ere van de nieuwe koning. Erg leuk , hartelijke ontvangst in een ontspannen sfeer. Er staat een groot scherm, waarop je de uitzending kunt volgen. ’s Avonds is er een groot feest op hetzelfde adres met een heel groot internationaal gezelschap, incl ambassadeurs en minsters. Uiteraard is er zeer strenge bewaking, al voor je de straat in komt. Het is vol met militairen en politie. Maar wij hebben een erg leuk feest, ontmoeting met andere Nederlanders die hier wonen/ verblijven. Op een gegeven moment wordt er aandacht gevraagd voor een koor, dat gehaal uit Burundezen bestaat. Zij zingen het Wilhelmus (twee coupletten uit het hoofd!), ontroerend en het Burundese volkslied; en last but not least het Halleluja  van Haendel, ook uit het hoofd, zeer ritmisch, daarin een beetje kortaf, niettemin een enorme prestatie. Ik zoek contact met ze om ze te complimenteren en zij blijken het koor van het Dominicaner klooster in Bujumbura te zijn. Meteen word ik uitgenodigd voor een repetitie op donderdagavond. Helaas kan ik dan niet omdat ik ben gevraagd een workshop koorzang en – directie te geven op Shemeza Music Centre. Oh, maar dan draaien we het om: we komen naar uw workshop. Zo makkelijk gaat het dan ook weer hier!

Maandag 29 april

Wij gaan naar een aangename plek aan het meer, Safari Gate,waar het altijd waait en waar je heerlijk onder de bomen op het strand kunt zitten; daar houden wij ’s ochtends evaluatie met Félix: sterke en zwakke punten van de verschillende lesplaatsen en de organisatie worden doorgenomen. Samen met Félix zijn wij het erover eens dat er verbreding van de organisatie nodig is. Dit wordt gezocht in de vorm van twee assistent-coördinatoren en de ondersteuning van de Shemeza muziekschool.

Bij Safari Gate roept een Burundees mijn naam en zegt iets in het Nederlands. Jimmy heeft in 2009 meegespeeld als trommelaar in een Benefietconcert voor het project te Nijmegen. Zoals vele Burundezen, die tijdens de oorlog naar Europa zijn gevlucht, is hij teruggekeerd om in zijn eigen land iets te kunnen betekenen. Een positieve ontwikkeling, lijkt mij. Ter plekke blijkt dat Jimmy een oud-leerling van Félix is en via hem zijn eerste trommelkunsten heeft geleerd. Hij heeft ook een vriend bij zich, die ook is teruggekomen. Deze vriend heeft vaker tijdens de Nijmeegse Vierdaagse gespeeld. En dat allemaal in het Nederlands op het strand in Bujumbura.

 

’s Middags bezoeken wij Kamenge: een lesplaats in de modder, veel armoede, is er vooruitgang in Burundi? Maar: geweldige les, didactisch sterk. Daarna zijn ter ere van ons bezoek alle docenten gekomen, zodat de kinderen zien hoe goed zij later ook kunnen worden. De hele wijk is uitgelopen en we worden verrast met een fenomenaal spektakel; dat is een manier van eerbetoon en bedanken. (veel mooier dan speeches, die je niet verstaat….)

Daarna een biertje op een terras, waar alle obers in witte doktersjassen lopen.

‘s Avonds zit ik met mijn huisgenoten op het balkon, met een fantastisch uitzicht over  Bujumbura en het meer. Een hoop lichtjes,  geen sloppenwijken te zien, alsof ze niet bestaan. Maar ze zijn er wel degelijk en daar proberen een paar honder duizend mensen te overleven. Natuurlijk moet je als westerling zorgen voor je eigen gezondheid en veiligheid en niet in zo’n wijk gaan logeren, maar dit verschil is wel erg groot.

 

Zondag 28 april

Gisteren kreeg ik via Apollinaire een logeerplek aangeboden in een huis, waar Johan en zijn muziekvrienden ook logeren. Voordat ik er mee in zee ging, wilde ik weten of er bewaking was, of je er muggenvrij kon slapen met frisse lucht, of er goed ontbijt mogelijk was en of er internetverbinding was. Dat laatste is natuurlijk luxe, maar het is wel leuk om dagelijks met Nl te communiceren en de weblog bij te houden. Dat zou allemaal het geval zijn, dus vroeg op om te verhuizen naar een huis dat in mijn ogen meer een Palazzo is. Onwaarschijnlijk groot. Het blijkt van een Burundese zakenman te zijn, die in Canada goede zaken doet.  Apollinaire is een goede bekende van deze man en hij mag het huis regelmatig gebruiken om gasten te ontvangen. Wat een luxe, het mag van mij wel wat kleiner, allemaal een eigen kamer met bad en, och ja, een koude douche; het klopt eigenlijk niet, dat wij dit in Burundi treffen.  Zeker niet als je via de armoedige en vervuilde volkswijken erheen rijdt. Maar het is ongelofelijk gastvrij en wij kunnen een week hotelkosten uitsparen. Die hotelprijzen liegen er niet om; de aanwezigheid van vele westerse organisaties drijft helaas alle prijzen op. Dus het is een mazzeltje voor ons! Ik ben helemaal niet op zoek naar luxe, maar wat ik niet begrijp is dat je zo’n gigantisch huis neerzet en niet even wat horren inbouwt, zodat de ramen open kunnen. Mij wordt beloofd dat de airco aan kan. Helaas: de eerste dag is de afstandsbediening kwijt en de twee nachten er na is er niet genoeg stroom (hoewel ik in het vooruit een bedrag had betaald voor de electriciteit, zodat zij niet erop zouden toeleggen). Drie nachten slecht geventileerd (niet) slapen is niet goed voor een mens. Op woensdag houd ik het dan ook bijna niet meer vol en overweeg serieus terug te gaan naar het hotel. Ik heb mijn koffer al gepakt als er een echte electricien komt. Ok, we geven het nog één kans. De zaak wordt gerepareerd en er is een redelijk alternztief voor open ramen; wel met veel lawaai en hele hoge kosten € 35 voor één week is voor ons zelfs al veel voor electriciteit. In de meeste armere wijken hebben de mensen ’s avonds en ’s nachts dan ook geen stroom (terwijl ie er wel is).

Zondagochtend is om 10u training van de docenten in het Musée Vivant. Ik  ga op pad en krijg onderweg te horen dat het verplaatst is naar de basisschool in Ngagara, omdat er in het Musée een ander evenement is. Zoiets krijg je dus nog net op tijd te horen (of te laat), want men leeft op het moment zelf. Alhoewel zij natuurlijk ook dingen plannen, lijkt de stress van het alsmaar vooruitdenken en anticperen, zoals wij dat gewend zijn, bij hun niet of nauwelijks aanwezig.

’s Middags geven de docenten een optreden voor de mensen van de Shemeza Music centre, waarvan Apollinaire directeur is. een geweldig virtuoos spektakel weer!. Aansluitend mogen 15 leerlingen van de muziekschool een workshop volgen olv de docenten van ons project. Het is groot succes. Leuk om te constateren dat voor heel veel kinderen de traditionele Burundese trommelkunst ook nog nieuw is. Zij krijgen op de muziekschool ‘Westerse dingen’ aangeboden, zoals keyboards, drumstellen en gitaren. Apollinaire en Félix zullen hier samen een ‘Cours de tambourinaire’ opzetten en RfR ondersteunt bij de aankoop van de trommels en de salarissen van de docent + assistenten. Het schooltje is nog vrij jong, maar de verslaglegging en de plannen zien er goed uit.

Daarna hebben wij alle docenten een drankje aangeboden; dat vinden zij helemaal geweldig. Er wordt ook gespeecht en gezongen. Johan houdt een toespraak in het Nederlands, ik vertaal in het Frans en Félix in het Kirundi, drie op een rij.

Zaterdag 27 april

We vliegen met een tussenstop in Kigali (hoofdstad van Rwanda) in 3 uur naar Bujumbura. Het is zwaar bewolkt en omdat je met deze vluchten niet naar 10.000m stijgt is er veel turbulentie. Dan is het wel veel om in 3 uur tijd twee maal op te stijgen en te landen. Op Bujumbura Aéroport weer een hoop rompslomp voor de visum-aanvraag. Het ene formulier na het andere. Ze moeten zelfs noteren wie je ouders waren. Het visum is twee maal zo duur geworden als in 2009; het kost nu € 80,-. Belachelijk voor 1 week, maar je hebt geen keus. Je kunt het visum ook van te voren bestellen, maar dan ben je ruim twee maal zo veel kwijt voor de administratiekosten. Wachten leer je wel in Afrika, maar sinds de laatste keer – toen mijn koffer werd gestolen -, ben ik er niet meer echt gerust op. Maar zonder visum krijg je je koffer ook niet……. Geen probleem ditmaal, de koffer is voorzien van een ceintuur in felle kleuren + een hoop stickers; durf dan nog maar. Gelukkig hebben ze de uitgebreide bagagecontrole bij binnenkomst afgeschaft.

De hal is op een paar mensen na helemaal leeg. Ik ga op zoek naar Félix die mij per taxi zou ophalen. Maar ik word tegengehouden door een man die mij vraagt of ik Madame Ouestegheeste ben. Hij heeft mijn naam op een papier staan. Eigenaardig. Hij komt van het hotel, maar ik had ze niet gebeld voor een taxi. Blijkbaar hebben ze inzicht in de passagierslijsten voordat ik aankom; dat is nog een keer eerder gebeurd. Hoe dan ook, het vervoer naar het hotel is goed geregeld. De aankomsthal is om veiligheidsredenen zo leeg. Alleen reizigers mogen naar binnen.

Het hotel ligt zo’n 6 km buiten de stad. Voordeel is dat je aan het meer zit, het Lac Tanganyika, waar het ’s avonds en ’s nachts altijd waait. En dankzij goede horretjes kunnen alle ramen open. Een goede nachtrust, muggenvrij met frisse lucht is een groot goed. Want de eerste dagen ben je toch vermoeider van de reis, de verandering van omgeving, het klimaat etc. En altijd loopt alles anders dan je gedacht had, in de grote planning en in de details. Maar uiteindelijk komt het allemaal goed. Als je je er niet aan stoort, word je er ook niet moe van.

Terwijl ik best tegen de reis op zag, is het heerlijk om weer hier te zijn. De vrolijke levenslustige Burundezen, het heerlijke klimaat, het prachtige land. In het hotel werken twee mannen, die voor Burundese begrippen behoorlijk op leeftijd zijn. De een in het restaurant, de andere in de hotelkamers. Ze komen allebei aangevlogen en roepen Madame, waarbij ze op de laatste m helemaal met hun stem omhoog gaan. Dat is de gewoonte, het klinkt erg komisch. Madame is er weer na al die tijd. Feest der herkenning.

’s Middags komt er een groot gezelschap naar het hotel om mij te begroeten, zo hoort dat hier. Johan de Visser, onze voorziter komt ook, samen met twee muziekvrienden Claude (Nl-Burundese slagwerker) en David (Zwitserse pianist). En twee Burundezen, Apollinaire en Jean- Claude. Apollinaire is hier en in Rwanda een hele populaire zanger, zeg maar de Marco Borsato van Burundi. Hij is vorig jaar een muziekschooltje gestart en zoekt samenwerking met RfR om ook lessen in het traditionele trommelen in te kunnen bouwen. Maandag en vrijdag gaan wij rond de tafel om te praten over de mogelijkheden en de voorwaarden. Jean-Claude is zijn rechterhand; hijregelt veel.  

Zij vragen mij na de lunch mee te gaan naar een bruiloft, ik ben uitgenodigd, zonder er ook maar iemand te kennen, maar dat laat ik toch maar even aan mij voorbij gaan, teveel van het goeie.Dan een overleg met Félix over de stand van zaken: over welke lesplaats en welke docent ben je heel tevreden en over welke minder? Burundezen geven graag goed nieuwsberichten, maar uiteindelijk krijg ik toch een goed overzicht over het project, omdat hij de docent twee cijfers heeft gegeven: een voor inhoud lessen + didaktiek  en een voor de organisatie van de lesplaats, ‘site’ geheten. Na een hele lange dag (ik ben al 1,5 etmaal op) vroeg naar bed.   ’s Nachts word ik een paar keer wakker van de bewakers met hun honden, dat hoort erbij. Het hotel heeft een grote tuin, die weer aan het strand van het meer grenst, dus er is veel bewaking.

Vrijdag 26 april

Voordat je op reis gaat, heb je het altijd drukker met de dingen die in Nederland nog moeten dan met het pakken van je koffer en het voorbereiden van de reis. Mailtjes naar koren, leerlingen, Rhythm for Revival, privé, administratie, een hoop af te handelen, alsof je een half jaar weg gaat. Rare gewoonte is dat toch. Op het moment van vertrek heb ik 4 koren en een groep koordirectieleerlingen. Ik heb ze allemaal laten lezen wat ik ga doen in Burundi. Leuke reacties ontvangen! Donderdagavond nog werken met Audite Nova, mooie repetitie, dat belooft wat voor september! En wel een prettig gevoel, als je een stop van twee weken in gaat.

Eenmaal onderweg naar Schiphol valt er niets meer te regelen en af te handelen, loslaten en relaxen dus. Gisteravond werd ik gebeld door Schiphol Travel taxi, dat zij om 16.30u zouden komen. ‘Weten jullie dat zeker, zo laat, in de vrijdagspits aan het begin van de meivakantie? Ik moet om 18u op Schiphol zijn’ “Ja 16.30u dat klopt”. De chauffeur staat gelukkig 3 kwartier vroeger voor de deur en verontschuldigt zich dat ie zo vroeg is. dat is maar goed, want het is niet alleen erg druk op de weg, op Schiphol rijdt hij drie maal de verkeerde route naar de Aankomsthal. De vierde keer roepen alle passagiers: nee, andere baan! Het lijkt Afrika wel. De reis loopt voorspoedig. Amsterdam-Nairobi duurt 8,5 uur en dat is lang. Een warme maaltijd aan het begin en het ontbijt ’s ochtends vroeg breken de tijd een beetje. De beenruimte lijkt minder dan voorheen. Dan is het nog een geluk als je aan het gangpad zit met je lange benen. Ruim op tijd in Nairobi, waar weinig is veranderd, behalve het informatiebord met alle gates erop, het werkt!!!!! En de gate voor mijn vlucht naar Burundi is al 2 uur van te voren open, bijzonder!

 
Weblog #52
21 april 2009
Vanmiddag vertrek ik weer. Nog wat laatste administratie doen en de puntjes opde i voor de brief van Unicef. Gisteravond op bezoek geweest bij kennis uit nederland, waarover ik zaterdag vertelde. Heerlijk gegeten uit de Burundese keuken. Want hier uit het meer komen de lekkerste vissen, Sangala, Capitain, Mukelele. We wisselen wat ervaringen uit en ik ik kom er achter dat het ijdele hoop is om te verwachten dat de organisatie met vrijwilligers versterkt wordt. Dat is hier heel ongewoon. Een klein bedragje ter stimulering hoort er echt bij! Ik begon het te merken, maar het is altijd goed dit door een ander bevestigd te zien. We moeten zeer bijtijds weer naar mijn hotel ivm de veiligheid. Maandag is er hier vlakbij nog een blanke man overvallen, om 18.30u. Vaak proberen ze je auto tot stilstand te brengen en dan je telefoon en geld afhandig te maken (of erger). Maar we komen goed aan.
Dan een reis van 26 uur via Kigali, Addis Ababa, Frankfurt, Brussel, Breda-Prinsenbeek, Breda en Nijmegen. Het ergste is dat ik van Addis Ababa naar Frankfurt (ruim 7 uur) naast een ongelofelijk dikke man zit. Hij neemt ruim anderhalve stoel in. De armsteunen moeten omhoog anders past hij er niet tussen. Het was al krap bij Ethiopian Airlines, maar dit is niet vol te houden. Hij maakt geen excuus als hij mij volledig richting gangpad plet. Ik ga mij beklagen bij de stewardessen. Dit gaat niet, ik kan niet eten, niet drinken, niet slapen, het is om claustrofobie van te krijgen. Er blijkt geen stoel meer over waar hij heen kan (ik dacht toch in de bussiness-class een stoel te hebben gezien?). nee er is geen oplossing. Nou dan wil ik graag een tijdje hier op jullie klapstoeltje zitten. Nou ok, voor even dan. Staan, zitten opklapstoel, lopen, wat moet je anders? Een meisje uit Kroatië, ook vanuit Burndi reizend, met wie ik onderweg in contact ben gekomen, komt kijken hoe het met mij gaat. Als we even praten, wrdt et personeel geirriteerd dat dit niet de bedoeling is. We moeten weer terug naar onze plek. Daarna is het afzien en scheefhangen. Ik neem mij voor om tegen die heer te zeggen dat hij de volgende keer maar twee kaartjes moet kopen met zijn 200 kilo, maar laat het toch maar. Kortom een slopende reis, maar een uitstekend verblijf in Burundi gehad. Het blijft een kwestie van lange adem en…. Volhouden.
Caroline Westgeest, secretaris Stichting Rhythm for Revival
 
Weblog #51
20 april 2009
Laatste dag en nog heel veel bezoeken af te leggen. We beginnen bij Unesco, want de doelen van het project moeten daar weerklank vinden, hoop je. Dan naar het Ministerie van Cultuur. Daar is al een paar keer beloofd dat er een bijdrage voor het concours zou komen, maar alle brieven met aanvragen daartoe blijven onbeantwoord liggen. We worden te woord gestaan door de directeur (valt onder de Directeur-Général en die weer onder de minister), maar het is slappe hap en herhaling van zetten. Ja zo’n klein (!) project dat doen we liever niet, we hebben liever dat jullie met osn samen een nationaal of regionaal concours (Grote Merengebied) organiseren, dat zou grande chose zijn. Uit beleefdheid antwoordt Félix dat dat een goed idee is. Maar ik besluit om toch wat meer tegengas te geven: prachtig idee zo’n concours, maar weet wel dat de subsidie- en donateursgelden vanuit nederland daar niet toe kunnen worden aangewend. Dat valt niet te verantwoorden. Wi steunen het project van de tambours, omdat zij zich met ontwikkeling van de jeugd bezighouden en omdat het zo’n mooie combinatie is van vrede, gezondheid en cultuur, waarbij de cultuur centraal staat. Bovendien is het niet meer klein te noemen na het opleiden van 2.000 kinderen. Danis het even stil. Het is duidelijk dat dit wederom een vergeefse missie is. Daarna discussie met Félix, die het wel me mij eens is en aangeeft dat hij heel sterk het gevoel heeft dat mensen zoals deze directeur eigenlijk een beetje bang zijn van iemand met zoveel succes. Het ministerie spreekt al jaren over een te organiseren concours, maar ze krijgen nog geen trommel van de grond. Bovendien is algemeen bekend dat jaloezie in Burundi een volksziekte is; zo benoemen zj het zelf. Ik heb zin om dat Ministerie voortaan maar inks te laten liggen, maar tegelikertijd wordt er in NL wel verwacht dat er hier ook geld los komt. Op naar Unicef, want daar hadden we in oktober een hoopgevend overleg. Daarna is er uitgebreide brief met projectbeschrijving heengegaan, maar Félix heeft nog geen reactie. Bij de ingang worden we zeer streng gecontroleerd, paspoort inleveren, mijn hele rugzak gaat op de kop en ik moet twee maal door de wapendetector. Tjonge, als het werk binnen dit kantor even grondig is als er buiten, dan valt er nog heel wat te verwachten. Niets is minder waar. Onze contactpersoon geeft aan de brief al lang geleden te hebben doorgegeven aan degene die erover gaat, maar die blijkt niets ontvangen te hebben. Zij heeft gelukkig even tijd voor ons. Het is een Portugese die zeer rap Frans spreekt. Zij is verantwoordelijk voor de Aidspreventie in heel Burundi en heeft zeker oren naar het tambourproject, want het is duidelijk dat Félix echt in de wijken komt dichtbj de eiegn woonplek, en dat hi daarmee veel mensen bereikt die door groetere organisaties niet bezocht worden. Dus zij ziet wel wat in een eventuele samenwerking. Ook op het gebied van de demobilisatie van kindsoldaten. Prachtig als je ze meteen kunt laten trommelen! Maar: als jullie van ons financiële ondersteuning wllen, had je eerder moeten zijn, in november/ december. Maar mevrouw, wij zaten hier in oktober al? Oeps, dat wist ik niet, wat vervelend. Hoe kan het dat ik jullie brieven niet heb gehad. Wij gaan naar de receptioniste die ook over de interne post gaat. Nee kan niet, bij mij raakt nooit iets kwijt. Ik noem de datum van de brief en ja hoor: staat wel in het schrift, is gepasseerd. Dan geeft zij toe dat zij eigenhandig heeft besloten om hem niet door te sturen, omdat Unicef niets met trommels heeft… Poeh, poeh, wat een vermoeiend land. Maar goed, toch hoop dat er iets moois uit kan groeien. Meteen naar hotel om een nieuwe brief + beschrijving te maken, aangepast aan de nieuwe situatie, met de mooie slagzin ‘Laissez les armes, prenez les baguettes’. Baguettes kan stokbrood betekenen, maar in Burundi zijn het de trommelstokken. Mijn aanwezigheid blijkt toch belangrijk, want als Félix als Burundees alleen komt, gaan er minder deuren open of denken zij eerder dat het een charlatan is oid.
 
Admin login